Afbeelding
(Foto: Henry Koops)

Familie Knijp wil graag blijven boeren in Drentsche Aa-gebied

Algemeen
Winnaar titel Sterkst Erf 2025

ANDEREN – De familie Knijp runt een gemengd boerenbedrijf in Anderen midden in het Nationaal Park Drentsche Aa. De familie boert al eeuwenlang in het midden van het dorp. De familie bouwt in 1989 aan de rand van het dorp een nieuwe boerderij. Nieuw Altinge wordt momenteel gerund door Albert-Jan Knijp (51) en Geertje Enting (51). Ze wonen daar samen met hun kinderen Marieke (20), Lucas (18) en Hendrieke (16). De melkveehouderij met ongeveer 120 koeien (de hoofdtak) ligt op 150 meter van een Natura-2000-gebied, maar tegen alle stromen in denken ze er niet aan te vertrekken. Ze doen er alles aan om hun bedrijf in het gebied te laten passen. ,,We gaan voor ons gebied, want hier komen we weg. Dat doen we door met elkaar de schouders eronder te zetten”, aldus de familie.

De inzet van de familie werd opgemerkt en ze werden voorgedragen voor de titel Sterk Erf 2025 georganiseerd door Agrio. De voordracht mondde uit in de titel het Sterkste Erf van 2025. De genomineerden waren gekozen uit boeren die bewust bouwen aan een erf dat klopt. Niet per se groots of vernieuwend, maar doordacht, veerkrachtig en geworteld in hun omgeving. ,,Als Drenten lopen we niet met onze borst vooruit. We zeggen niet dat we goed zijn. We waren de enige genomineerde die door anderen zijn aangemeld. Maar het is een geweldige waardering voor al het werk dat we al die jaren hebben verzet”, zegt Albert Jan die vervolgens verder gaat met het verzorgen van de dieren. Geertje heeft wel even tijd om verder uit te weiden over de titel en het familiebedrijf.

,,De jury prees het vermogen om te balanceren tussen dorp, natuur en boerenpraktijk in het Nationaal Park Drentsche Aa. Het ondernemerschap werd omschreven als zeer vooruitstrevend, waarbij ze op maatwerkoplossingen inspelen gezien de ligging van het bedrijf. Het bedrijf met akkerbouw loonwerk en melkvee, werd geroemd om de bewuste keuzes die ze maken voor het bedrijf, omgeving en de toekomst”, citeert Geertje uit het juryrapport.

Waar men in de landbouw en de politiek de mondvol heeft van stikstof is dat voor de familie Knijp niet de belangrijkste issue. ,,We zijn geen piekbelasters”, zegt Geertje. ,,Het grootste knelpunt in ons gebied is de watervoorziening. De kaders en doelen voor de wateropgave voor dit gebied zijn nog niet duidelijk. De Drentsche Aa is belangrijk voor de drinkwatervoorziening. Daarom houden we ons bezig met de waterkwaliteit en de waterkwantiteit. Door de klimaatverandering hebben we te maken met droge perioden en hevige buien. Gewassen hebben water nodig om te groeien. Zaak is om in natte perioden het water vast te kunnen houden in de bodem, maardat het niet wegloopt in de sloot. Dat doen we op verschillende manieren. Eén van de manieren is een productief kruidenrijk grasland. Dat is gras met klaver en kruiden. De klaver en de kruiden zorgen er met hun langere wortels voor dat het gras in droge perioden groen blijft. Het vergroot de biodiversiteit, het versterkt ook de natuur en draagt bij aan de bodemgezondheid. Daarnaast doen we aan mengteelt, we zaaien gerst, erwten en gras gelijktijdig in. Na het maaien van de gerst en erwten blijft het land groen door het gras dat er onder al groeide. Dat zorgt ervoor dat de regen de bodem intrekt en niet de sloten instroomt. Ook houden we bredere stroken met gras en bloeiende planten langs de sloten om dat te voorkomen. Dit doen we samen met collega-boeren uit de omgeving.”

Het bedrijf probeert ook nieuwe methoden uit. ,,We hebben een proefveld waar we verschillende dingen uittesten. Bijvoorbeeld met schoffelen en wieden, daardoor hebben we minder chemische middelen nodig. Het is wel arbeidsintensiever en het betekent dat Albert Jan vaak ’s avonds of op zondag op het veld aan het werk. Anderen hebben dan vrijetijd. Maar dat is waar we voor hebben gekozen. Het is beter voor de bodem en de natuur. En zo verklein je de kans dat er gewasbeschermingsmiddelen afspoelen in de Drentsche Aa. Dat wil niemand, maar het kan je wel overkomen.”

Het boerenbedrijf doet er alles aan om in de omgeving te passen door in te spelen op de natuur en het waterbeheer. ,,Het is een zoektocht naar manieren om de bedrijfsvoering aan te passen aan de zeer uitdagende omstandigheden en tegelijkertijd een verdienmodel te creëren. We schuwen nieuwe methoden niet. Als je vooroploopt zie je waar je heen gaat. Een nadeel is ook dat je je kop kunt stoten. Albert Jan is dol op pionieren. Hij zag op TikTok een filmpje en dacht dat hij dat ook kon toepassen bij het wieden van de aardappelvelden. Het gaat om een rotorwieder die wij de kerstboompjesmachine noemen. De machine wiedt het onkruiden en spaart de bruggen waar de aardappelen op groeien. Dat denken we zelf uit. Lucas is ook van de techniek en denkt daarin mee.” Geertje was ook niet blij met de opmerking in het juryrapport. Dat het bedrijf terug in de tijd gaat met hun machinepark. ,,We hebben weer enkele oude machines in bedrijf genomen, maar die helpen ons juist om zelfvoorzienend zijn. We kunnen op deze manier voorzien in de eigen voedselvoorziening voor onze koeien. De kringloop werkt op deze manier goed. We passen het machinepark juist aan op de nieuwe manier van telen.”

Albert Jan en Geertje werken samen met de boeren uit de omgeving. ,,We delen de manieren die voor ons goed werken. Daar hebben we allemaal wat aan. We hebben bij ons bedrijf een speciale ruimte gecreëerd om te vergaderen en resultaten te presenteren. Dat doen we met collega-boeren maar ook voor de beleidsbepalers. Zaken die hier in het gebied afwijken van wat voor algemeen wordt aangenomen en maatregelen die hier goed werken, dat moet je vertellen. En wellicht kun je het beleid zo beïnvloeden.”

De jury zag ook dat het een echt familiebedrijf is die met de toekomst bezig is. ,,Marieke zit op de Landbouwschool in Dronten. Ze is van de mooie koeien en wil daar graag mee aan de slag. Lucas zit op de MBO Technicus Engenering. Hij is zoals gezegd een techneut. We noemen hem onze dorpssmid. En Hendrieke zit nog op de Havo, maar ziet ook wel een toekomst in een boerenbedrijf. Maar het boer zijn is een ingewikkeld gebeuren. Daar denken we over na. Hoe kunnen we mee met de plannen van de overheid en hoe gaan we dat dan doen. In de regio komen steeds minder veeboeren. Mensen vragen wel eens waarom de boeren geen koeien meer in de wei laten lopen. Maar die boeren zijn er niet meer. Voor het kenmerkende landschap van de Drentsche Aa zijn de boeren wel nodig. Het landschap voelt voor ons als een warme deken. En wie de jeugd heeft, heeft de toekomst. Mijn oma had zo’n tegeltje waar opstond: Van het concert des levens krijgt niemand het program. Maar je moet niet afwachten. Je moet een plan klaar hebben. En dan zien we uiteindelijk wel hoe het gaat uitpakken.”