Het Lost Wings-informatiepaneel ter hoogte van de crashlocatie in Ekehaar.
Het Lost Wings-informatiepaneel ter hoogte van de crashlocatie in Ekehaar. (Foto Werkgroep Historie de Broekstreek)

Lost Wings-informatiepaneel bij crashlocatie Duitse jager in Ekehaar

Algemeen

EKEHAAR - Drie vliegtuigen zijn op 28 juli 1943 neergestort op Drentse bodem. Een van de drie vliegtuigen kwam neer in een weiland ter hoogte van de Oal Diek bij Ekehaar. In het boek de Kroniek van de Broekstreek van Werkgroep Historie de Broekstreek is daar aandacht aan besteed. Stichting Luchtoorlog Onderzoek Drenthe heeft de werkgroep benaderd en dat heeft mede geresulteerd dat onlangs door deze stichting een Lost Wings-informatiepaneel is geplaatst ter hoogte van de crashlocatie. Het doel van de stichting is om alle vliegtuigcrashes en de luchtoorlog ten tijde van de Tweede Wereldoorlog te bestuderen en de resultaten daarvan te documenteren en te presenteren.

De Amerikaanse luchtmacht lanceerde op 28 juli 1943 een aanval met 302 bommenwerpers op Kassel en Oschersleben. Ondanks het slechte weer werd toch besloten de aanval in te zetten, en stegen ook deze dag de B-17 Flying Fortresses op in het kader van Blitz Week. Bij het naderen van de kust bleek echter al snel dat de aanval uit elkaar aan het vallen was. Veel toestellen keerden terug door slechte weersomstandigheden en mechanische problemen. Uiteindelijk wisten maar 95 bommenwerpers hun primaire doelen te bombarderen. Als reactie stuurde de Luftwaffe zo’n 350 toestellen de lucht in met een verlies van 23 toestellen (acht piloten werden gedood of vermist en dertien gewond).

De toestellen van Erprobungkommando 25 werden gestuurd richting Bielefeld, maar kwamen onderweg de Amerikaanse bommenwerpers die net Noord-Duitsland binnen waren gevlogen tegen. De Amerikanen keerden terug. Met slechts 26 vliegtuigen en de hardnekkigheid van de jageraanvallen en de mogelijkheid van een nog groter aantal jagers, werd besloten om de bommen in de Noordzee af te werpen.

Een van de luchtgevechten boven Drenthe werd op de grond waargenomen door de dorpsveldwachter en zijn zoon en dorpsgenoot Takens. ,,Moet je die daar zien”, zei Takens. Hij wees naar een vliegtuig dat omhoog naar de bommenwerpers vloog. ,,Die gaat zelfmoord plegen. Die staat straks bij Petrus voor de poort.” Het was een Duitse jager. ,,Gespannen keken we alle drie toe wat er ging gebeuren”, vertelt de zoon van de veldwachter. ,,Maar de Duitse jager kwam niet aan zijn prooi toe. Hij werd opgewacht door de bommenwerpers en ik hoorde schieten. Ineens kwam uit de jager een rookpluim. Het toestel dook met een gierende motor naar beneden, vloog laag over Rolde richting Ekehaar en boorde zich daar met een grote knal in de grond. Even later zag ik een grote zwarte rookpluim uit het bos komen.” ,,Die is er geweest”, zei Takens. ,,Ja”, zei de veldwachter. ,,Die vertelt er niet veel meer van na. Ik heb geen parachute gezien dus hij is er niet uit gesprongen.” De zoon had het hele voorval gespannen gevolgd en vond het ook wel eng. ,,Kom”, zei de veldwachter. ,,Laten we maar eens gaan kijken waar hij terecht is gekomen. Pak jij de motor maar, Takens, dan rijden we die kant op. De Duitsers zullen er ook al wel zijn. Rij jij maar. Ik ga wel in het zijspan zitten.” Samen reden ze weg.

Het toestel wat waargenomen werd betrof Fw 190A-5/U8 Wnr. 1405 gevlogen door Leutnant Helmut Georg Fast. Bij het aanvallen van de Amerikaanse bommenwerpers werd hij getroffen door het afweervuur. Mogelijk werd Fast zelf getroffen, waardoor hij niet meer in staat was zijn toestel te besturen. Leutnant Helmut Georg Fast kwam om het leven bij de crash van zijn toestel te Ekehaar. De andere twee toestellen kwamen terecht bij Vries (Amerikaan) en Veenhuizen (Duits).