De familie Sennega en de kunstenaars Natasja Bennink en Gert Sennema bij het monument 'De Reis' in Ekehaar.
De familie Sennega en de kunstenaars Natasja Bennink en Gert Sennema bij het monument 'De Reis' in Ekehaar. (Foto: Henry Koops)

Monument De Reis onthuld in Ekehaar ter herinnering aan Vrouwenmars 1945

Algemeen

EKEHAAR – Het beeld De Reis is vrijdag onthuld op het grasveldje tegenover Café Popken in Ekehaar. Het monument is een eerbetoon aan de 116 vrouwen die door 200 Duitse soldaten als schild werden gebruikt tijdens hun vlucht van Westerbork naar Grijpskerk in 1945. Daar werden de vrouwen vrijgelaten.

De Vrouwenmars 1945 is bij veel mensen niet bekend. Ook inwoners van de Broekstreek die de oorlog meegemaakt hebben waren niet op de hoogte dat de vrouwen in een schuur verbleven bij Ekehaar. 600 vrouwen liepen afgelopen weekend in drie dagen de tocht die de vrouwen, die allen door hun verzetswerk in de oorlog waren opgepakt en overgebracht waren naar kamp Westerbork, ook op 11, 12 en 13 april 1945 hadden afgelegd.

Ze kwamen ook langs het punt waar De Reis werd onthuld een monument dat was gemaakt door de beeldhouwers Natasja Bennink en Gert SennemaHilde Sennema, achternicht van Riek Sennema (nr. 111) uit Zuidhorn, stond model voor het kunstwerk. Riek Sennema werd op 37-jarige leeftijd opgepakt. ,,Ze had geen kinderen”, vertelt haar achternichtje die samen met wethouder Kiena ten Brink het beeld had onthuld. ,,Hierdoor durfde ze meer risico te nemen in het verzet. Naast bonnen bezorgen, smokkelde ze ook wapens. Ze stelde zich brutaal op tegen de bezetters om hun aandacht af te leiden. Ze had begrip voor medegevangenen die man en kinderen hadden en daarom de sokken stopten voor de bewakers, maar ze heeft dat zelf nooit gedaan.” Volgens haar achternichtje sprak ze na de oorlog niet veel over de oorlog. ,,Ze had net als vele anderen een schuldgevoel dat ze de oorlog had overleefd. Veel vrienden van haar uit het verzet waren omgekomen.”

Hilde vond het een bijzondere eer dat ze model mocht staan voor het beeld De Reis. ,,Het is een mooi eerbetoon aan mijn oud-tante en aan al die vrouwen die de tocht in 1945 hebben moeten meemaken.” Haar vader Jan die een bosje bloemen bij het beeld had gelegd, is ook trots op het eerbetoon aan zijn tante. ,,Het is mooi dat ze is uitgekozen. Ze had dat zelf echter nooit gestimuleerd. Ze wilde niet op de voorgrond treden”, aldus haar neef die erbij was toen zijn tante in de oorlog werd opgepakt. ,,Een NSB’er kwam haar met enkele Duitsers ophalen. Ik zei later als klein jochie: Was ze maar achter de kachel gekropen, dan hadden ze haar niet kunnen vinden.” Riek Sennema werd daarna langdurig en hardhandig verhoord door de Sicherheitspolizei in het Scholtenhuis op de Grote Markt in Groningen. Daarna werd ze naar Kamp Westerbork gebracht.

Gert Sennema ligt het beeldhouwwerk in Ekehaar toe. ,,Voorbijgangers zien een hoofd op een deur. Een deur kan open en dicht. Je ziet de vrouw op de rug, ze loopt als het ware weg. Zie het als het begin van de mars.” De kunstenaar vertelt zijn verhaal aan de kinderen van basisschool De Flint die bij de onthulling aanwezig zijn. ,,Ik ben blij dat de kinderen aanwezig zijn. Zij moeten het verhaal dat niet erg bekend is, verder vertellen. Want het mag niet worden vergeten.”

De deelnemers van de Vrouwenmars 2025 passeren het monument, blijven even hangen en maken foto’s om vervolgens hun tocht te vervolgen. Een van hen is Sietske Brandenburg uit het Friese Nieuweschoot. Ze loopt met nummer 78 om haar arm. Ik weet niet precies hoe ze heet, maar ze had een mooie naam iets van Maria Charlotte.” Het ging om Maria Cornelia Charlotte, roepnaam Johanna, Jordens-de Marees van Swinderen uit Twello. ,,Het is abnormaal triest wat die vrouwen toen hebben meegemaakt. Dat kun je best wel een moment bij stilstaan”, aldus Brandenburg die slechts één dag meeloopt. ,,Wij kunnen ervan genieten. Het is een mooie route en heerlijk weer. Dat was in 1945 natuurlijk wel anders. Die vrouwen vreesden voor hun leven.”

Deelnemers van de Vrouwenmars 2025 bij Eldersloo.